Als je een onderneming van nul start, kost dat geld. Het is belangrijk om van in het begin te bekijken welke investeringen en eerste werkingskosten er nodig zijn en of je over genoeg middelen beschikt om deze te kunnen betalen.
Eigen middelen
Lening
Family, Friends or Fools
Risicokapitaal
Subsidie
Best bekijk je eigen middelen als een eerste bron van kapitaal. Je kan zowel gebruik maken van je spaargeld als van
goederen waarover je al beschikt (een computer, een auto,...). Eigen vermogen biedt de meeste financiële zekerheid bij tegenvallende resultaten. Bovendien is het een noodzakelijke voorwaarde om een lening te bekomen.
Je kan deze eigen middelen aanvullen met vreemd vermogen. Hiervoor kan je verschillende instanties aanspreken.
Hiervoor kan je ondermeer naar de bank stappen. Je bank onderzoekt het risico van je ondernemingsidee aan de hand van je ondernemingsplan. Daarnaast kijken ze ook of je over voldoende waarborgen beschikt. Als je aan de voorwaarden voldoet van de bank, dan bestaat de kans dat je een lening krijgt. De meeste banken hebben een specifieke afdeling voor startende ondernemers, waar je ook terecht kan voor advies.
Ook de overheid heeft instrumenten ontwikkeld om de financiering van ondernemingen te bevorderen. Op federaal
niveau bestaat er het Participatiefonds. Deze kent achtergestelde leningen toe, zowel voor starters als voor gevestigde bedrijven. De leningen vormen slechts een gedeeltelijke financiering van het investeringsproject. Enkele interessante formules van het Participatiefonds voor beginnende ondernemers:
- Solidaire lening: voor personen in een onzekere financiële situatie die een zelfstandige activiteit ontwikkelen, maximum van €12.500.
- Startlening: voor niet-werkende werkzoekenden die hun eigen zaak willen starten, maximum van €30.000 (op voorwaarde van eigen inbreng van 1/4de, wat eventueel geleend kan worden), verloopt via gespecialiseerde steunpunten van het Participatiefonds.
- Het Plan Jonge Zelfstandigen is een Startlening maar dan voor de niet-werkende werkzoekende die jonger is dan 30 jaar, waarbij de aanvrager gedurende het eerste halfjaar extra ondersteund wordt.
- Starteo: voor kleine opstartende ondernemingen (minder dan vier jaar in hoofdberoep), maximum €250.000 (beperkt tot het bedrag van de lening van de kredietinstelling, of vier maal de eigen inbreng), verloopt via de kredietinstelling.
- Initio: maximum €100.000 (beperkt tot 50% van het totale investeringsbedrag door bank en eigen inbreng, of vijf maal de eigen inbreng), verloopt via de boekhouder.
De Starteo en de Initio lening van het Participatiefonds zijn bedoeld voor zowel natuurlijke als rechtspersonen, voor zover zij een kleine onderneming zijn. Zij richten zich op zelfstandigen, zaakvoerders of bestuurders van een kleine onderneming die hun activiteiten sinds minder dan vier jaar in hoofdberoep uitoefenen.
Family, Friends or Fools
Uiteraard kan ook een privé-persoon (de zogenaamde Family, Friends or Fools) geïnteresseerd zijn in de financiering van je onderneming.
De winwinlening (een initiatief van de Participatiemaatschappij Vlaanderen) richt zich tot alle KMO’s gevestigd in Vlaanderen met een economische activiteit. Wie als vriend, familielid of kennis geld leent aan een Vlaamse onderneming, krijgt hierop jaarlijks een belastingsvermindering, gekoppeld aan een eventuele fiscale recuperatie
indien de onderneming het bedrag niet kan terugbetalen. Een ondernemer kan winwinleningen aangaan voor maximum
100.000 eur. Privé-personen kunnen maximaal 50.000 eur. uitlenen.
Voor financiering kan je ook terecht bij risicokapitaalverschaffers. Ze investeren enkel in ondernemingen met een enorme groeipotentie. Risicokapitaalverschaffers zijn namelijk blootgesteld aan het risico van de onderneming waarin zij investeren. De meeste risicokapitaalverschaffers bieden ook strategisch, operationeel en financieel advies.
Het Agentschap Ondernemen heeft de brochure ‘Risicokapitaal’. Je kan deze online vinden op hun website. In de brochure worden de voorwaarden voorgesteld waaraan je moet voldoen en vind je een lijst van risicokapitaalverschaffers.
In Vlaanderen is de Participatiemaatschappij Vlaanderen actief. Zij willen financiële middelen activeren naar Vlaamse starters en KMO’s. Zij bieden, naast de winwinlening, diverse producten aan die het voor private risicokapitaal- en kredietverschaffers gemakkelijker maken om kleine en middelgrote ondernemingen te financieren.
CultuurInvest valt onder Participatiemaatschappij Vlaanderen en is het investeringsfonds voor de Vlaamse cultuurindustrieën. Het verstrekt risicokapitalen aan ondernemingen die producten of diensten met culturele inhoud
creëren en naar de markt brengen.
Ook provincie Limburg heeft een culturele investeringsfonds Limburg, STROOMinvest genaamd. STROOMinvest stelt zich primair tot doel om via achtergestelde leningen risicokapitaal te investeren in culturele ondernemingen in Limburg. Verder wil het fonds een belangrijke hefboomfunctie vervullen naar andere financieringskanalen, inzetten op talentontwikkeling via advisering op maat en een bijdrage leveren tot de verdere ontwikkeling en groei van de Limburgse culturele sector.
Het Business Angels Netwerk Vlaanderen fungeert als bemiddelaar tussen een netwerk van anonieme informele investeerders en beloftevolle ondernemingen.
De Limburgse Reconversiemaatschappij, LRM, is een investeringsmaatschappij in Limburg. Zij stellen risicokapitaal ter beschikking voor grote ondernemingen, starters en KMO’s en zijn vaak initiatiefnemer bij het ontwikkelen van
duurzame projecten.
"Het grote probleem voor creatieve beroepen is het vergaren van beginkapitaal. Cultuur is en blijft een economisch moeilijk te meten gegeven. Hierdoor blijven vele deuren van geldwinkels (lees : banken) voor culturele ondernemers dicht. Gelukkig bestaan er vandaag initiatieven zoals CultuurInvest en zien organisaties als LRM vandaag ‘creativiteit’ wel stilaan als een potentiële bron van economische meerwaarde." - Casimir
Individuele ontwerpers of kunstenaars kunnen aanspraak maken op een projectsubsidie of een ontwikkelingsgerichte
beurs via het Kunstendecreet van de Vlaamse Overheid. Elke beurs heeft wel zijn eigen voorwaarden en aanvraagprocedure.
Wanneer je als ontwerper door Design Vlaanderen erkend wordt, kan je aanspraak maken op hun projectsubsidies voor deelname aan beurzen en tentoonstellingen en promotieactiviteiten.
STROOM is een cultuursubsidie van de provincie Limburg voor beloftevol talent met een link met Limburg. STROOM bestaat uit twee beurzen die je tweemaal per jaar kan aanvragen:
- een beurs om bij te leren (workshop,
masterclass, residentie in binnen- of
buitenland) voor maximum 2.500 euro
- een ontwikkelingsbeurs voor een
concreet project in ontwikkelingsfase
in samenwerking met een erkende
Limburgse cultuurorganisatie voor
maximum 7.500 euro
Let erop dat er een verschil is tussen een lening of risicokapitaal en subsidies. De meeste subsidies van de overheid zijn gratis. Een lening bij de bank of een familielid moet je terugbetalen. Bij de bank ligt de intrest doorgaans hoger dan bij een lening van een familielid. Ga je een lening aan bij een risicokapitaalverschaffer, dan betaal je de hoogste intresten. Het kan ook zijn dat de investeerder in ruil voor zijn geld een deel van de aandelen van je bedrijf wil.
Denk goed na over hoeveel geld je moet investeren en waar je het geld gaat halen. Je trekt beter vreemd vermogen aan voor lange termijn investeringen dan op een bepaald moment in cashnood komen te zitten en een kaskrediet te moeten aangaan voor korte termijn betalingen. Een kaskrediet is namelijk nog duurder.
“Het essentiële is kwaliteit leveren met weinig middelen in het begin. Houden van hetgene waar je mee bezig bent zodat de financiële kant geen overmacht krijgt op de creativiteit.” - Bram Boo